Abvakabo FNV. Je werk is het waard

Beloningsbeleid  

Abvakabo FNV vindt dat salarissen van hoog tot laag vastgelegd moet worden in de cao

De laatste jaren zien we steeds vaker dat werkgevers in hun beloningsbeleid onderscheid aanbrengen tussen de top van de organisatie en het cao-personeel. Om de organisatie gezond te houden en werkgelegenheid te scheppen en te behouden, verwacht men van het cao-personeel solidariteit door een verantwoorde loonontwikkeling te accepteren. De top van de organisatie levert een dergelijke bijdrage niet. De beloningen kunnen blijkbaar niet hoog genoeg zijn. De maatschappelijke onvrede hierover is terecht zeer groot.

De discussie over salarissen in de collectieve sector heeft zich de afgelopen jaren steeds meer verplaatst van de cao-tafel naar de politiek. Daar zijn wij niet blij mee. De discussie over beloningsstructuren is onderdeel van het overleg tussen werkgevers en werknemers. Wij willen een herkenbare en sterke partij zijn in het overleg over arbeidsvoorwaarden en aan de zijde van de werknemers meepraten over het beloningsbeleid binnen de onderneming. Om dat goed te kunnen doen, moeten alle werknemers - ook de raden van bestuur en directies - daadwerkelijk onder de cao vallen. Dat geldt voor alle sectoren waarin wij actief zijn, zowel in de markt- als in de collectieve sectoren. Wij gaan uit van een gelijke behandeling van de collectieve en de marktsectoren. Dit geldt ook voor het uitgangspunt dat wij degene zijn die met werkgevers onderhandelen over het beloningsbeleid.

De maximale bruto beloning, inclusief toeslagen en bonussen, pensioenvoorziening, extra beloningen en dergelijke, mag niet meer bedragen dan tien maal het laagste salaris in de cao. Of een bestuurder werkzaam is in de marktsector of in de collectieve sector mag bij de beoordeling van het inkomen geen rol spelen.

Terug naar de nieuwslijst

Meer over: Beloningsbeleid
Printen