Wanneer een werkgever je een oproepcontract aanbiedt, is het belangrijk om te weten om wat voor soort oproepcontract het gaat. Omdat er geen specifieke namen in de wet staan voor oproepcontracten, zijn er allerlei verschillende namen die worden gebruikt. Dit kan verwarrend zijn, maar eigenlijk bestaan er maar twee varianten:
Het oproepcontract met voorovereenkomst
Opvallend van dit oproepcontract is dat je zelf mag bepalen of je wel of niet komt werken na een oproep van je werkgever. Je hebt alleen recht op loon voor de uren die je besluit te komen werken. Word je ziek voordat je zou komen werken? Dan hoeft je werkgever je niet door te betalen. Word je ziek tijdens een oproep? Dan hoeft je werkgever je alleen de uren door te betalen die je al had toegezegd te komen werken.
Besluit je na een oproep om te komen werken, dan sluit je in feite pas op dat moment een arbeidsovereenkomst en wel voor de duur van je oproep. Na vier oproepen heb je dan eigenlijk al vier tijdelijke arbeidsovereenkomsten gehad, en kan er een vast dienstverband zijn ontstaan. Je werkgever moet je dan het loon doorbetalen, gebaseerd op het loon tijdens je vierde oproep, ook als er geen of minder werk voor je is. Maar let op: In je cao kunnen andere afspraken staan!
Het oproepcontract met prestatieplicht
Dit contract wordt vaak een ‘nul-uren-contract’ genoemd. Een nul-uren-contract kun je voor bepaalde en voor onbepaalde tijd sluiten. Belangrijk is bij dit contract dat je verplicht bent om te komen werken als je wordt opgeroepen (ingeroosterd). Je hebt gewoon een arbeidsovereenkomst, het is alleen nog onbekend hoeveel uren je zal werken. Deze onduidelijkheid mag trouwens maar een half jaar duren. Daarna moet je werkgever je het loon doorbetalen, gebaseerd op de laatste drie maanden, ook als er geen of minder werk voor je is. Wanneer je ziek wordt, moet je werkgever je hoe dan ook het loon doorbetalen gebaseerd op je loon van de laatste drie maanden. Maar let op: In je cao kunnen andere afspraken staan!