De grootste vakbond in de publieke sector

Veelgestelde vragen  

Cao Defensie

In de CAO 2009-2010 is een nieuwe regeling voor het meenemen van verlof naar het volgende jaar afgesproken. Voorheen kon je maximaal 80 uur meenemen naar het volgende jaar. Voor de medewerkers met de zogenoemde ‘verlofstuwmeren’, opgebouwd uit eerdere jaren, gold dat zij deze uren mee konden nemen met toestemming van de commandant. De medewerker moet daarbij dan wel een plan indienen waarin staat hoe hij/zij de verlofuren alsnog gaat opnemen.

De nieuwe afspraak luidt dat je maximaal het verschil mag overschrijven tussen het aantal uren per jaar waarop je aanspraak hebt en het minimum dat je verplicht moet opnemen. Met andere woorden: je moet minimaal 3 weken vakantie opnemen. De uren die je dan nog overhoudt kun je overschrijven naar het volgende jaar. Dat kan niet onbeperkt. De bovengrens is nu het maximaal aantal uren waarop je aanspraak kunt maken op jaarbasis. Voor de medewerkers met ‘stuwmeren’ verlof veranderd er binnen deze nieuwe regeling dus niet veel. Zij kunnen meer uren meenemen, maar dit zal waarschijnlijk niet het totaal aantal verlofuren dekken dat zij de afgelopen jaren hebben opgebouwd. Voor deze mensen geldt dezelfde procedure als voorheen, zij kunnen deze uren meenemen met toestemming van de commandant en moeten daarbij een plan indienen hoe zij deze uren alsnog willen gaan opnemen.

Er zijn met Defensie overgangs-afspraken gemaakt met de afschaffing van de FPU. Het uitgangspunt in het BARD is nu dat de burgermedewerker bij Defensie moet doorwerken tot hij/zij 65 jaar is. De afspraken zijn:

  • Medewerkers geboren voor 1-4-1947: 61 jaar en 2 maanden, 70% ABP jaarinkomen (incl. vakantie- en eindejaarsuitkering)
  • Medewerkers geboren voor 1-1-1950: 62 jaar en 3 maanden, 70% ABP jaarinkomen (incl. vakantie- en eindejaarsuitkering)
  • Medewerkers geboren na 31-12-1949: geen FPU rechten meer, maar flexpensioen (waarin de FPU rechten zijn verdisconteerd) bij ABP.

In de rechtspositie voor burgers bij Defensie, het BARD, is geregeld dat burgers van 55 jaar en ouder geen diensten worden opgedragen tussen 22.00 en 06.00 uur, tenzij het een gedeelte van een dienst betreft die doorloopt na 22.00 uur en ten laatste eindigt om 24.00 uur. Voor de consignatiediensten gedurende deze tijden geldt dat de consignatie op zichzelf wel mogelijk is, maar dat bij een oproep om te komen werken de vreemde situatie ontstaat dat dit volgens bovenstaand artikel in het BARD niet hoeft wanneer de burger in de 55+ categorie valt.

In uitzonderlijke gevallen moet de 55+ medewerker wel werken tijdens bovengenoemde tijden. Er moet dan aan twee voorwaarden zijn voldaan. Ten eerste moet de medewerker medisch gekeurd zijn en mag er geen medische belemmering bestaan om te werken gedurende deze tijden. Ten tweede moet er sprake zijn van een zwaarwegend dienstbelang.