Veelgestelde vragen  

Arbeidsomstandigheden

Bij hoge temperaturen moeten maatregelen genomen worden om het werk gezond te houden. Minder werken, minder lang achter elkaar werken, vaker pauzeren in koele ruimtes, genoeg drinken en, indien mogelijk, aangepaste kleding.

Bij welke temperatuur is werk nog mogelijk? Hiervoor is de zogenoemde PMV-index. Deze index is de uitkomst van een ingewikkelde berekening van temperatuur, luchtvochtigheid, luchtsnelheid, kleding en werkzaamheden. Een overschrijding van deze normen gedurende 10 procent van de werktijd is acceptabel. Vuistregels van FNV bondgenoten zijn op deze website te vinden.

  • Boven de 26 °C is er sprake van extra belasting; er moet overleg plaatsvinden over mogelijke maatregelen, zoals koele ruimtes om te pauzeren, extra ventilatie, en dergelijke.
  • Voor (zittend) kantoorwerk is de maximum temperatuur 30 °C.
  • Voor licht werk is de maximum temperatuur 28 °C.
  • Voor intensief werk is de maximum temperatuur 26 °C, mits er een voelbare luchtstroom is – anders maximaal 25 °C.
  • Voor zeer intensief werk is de maximum temperatuur 25 °C met een voelbare luchtstroom, 23 °C zonder luchtbeweging.

Meeroken is schadelijk voor de gezondheid, dus moet meeroken zoveel mogelijk voorkomen worden. Werkgevers zijn verplicht om ervoor te zorgen dat werknemers kunnen werken zonder hinder of overlast te ondervinden van tabaksrook. Het recht op een rookvrije werkplek beperkt zich niet tot werkkamers maar geldt voor alle ruimten waar werknemers kunnen komen.

Je kunt een klacht indienen bij de arbeidsinspectie door op de website van de arbeidsinspectie het digitale meldingsformulier in te vullen.

Je kunt je klacht ook schriftelijk of telefonisch bij het centrale kantoor van de Arbeidsinspectie melden. Binnen een paar dagen krijg je een ontvangstbevestiging.

Arbeidsinspectie
Postbus 820
3500 AV Utrecht
Tel.  0800 – 27 00 00 0 (gratis)

Na maximaal zes weken volgt schriftelijk bericht over de uitkomst of over de voortgang van dit onderzoek.

De inspectie vergoedt geen schade. In de meeste gevallen moet je daarvoor zelf de rechter inschakelen, bijvoorbeeld na een juridisch advies met hulp van de vakbond.

Een geintje moet toch kunnen? Natuurlijk! Een geintje kan ook erg leuk zijn, maar wanneer het steeds bij dezelfde collega gebeurt of een pesterijtje constant betrekking heeft op dezelfde collega, wordt de situatie anders. Ongewenst gedrag is vaak vijandig, vernederend of intimiderend gedrag dat gericht is op dezelfde persoon.


Het slachtoffer is niet in staat zich te verweren en de pester of het groepje pesters heeft meer macht dan het slachtoffer. Pesten gebeurt meestal door één persoon (regelmatig door een leidinggevende) of door een klein groepje waarbij één iemand het voortouw neemt. En kleine groepjes kunnen steeds groter worden, als de druk om mee te doen ook groter wordt.

 

Er zijn vier categorieën maatregelen om RSI te voorkomen of te verminderen:

  • Technische oplossingen: zit-statafels, bewegende kantoorstoelen, ergonomisch ontworpen toetsenborden, laptophouders, spraakherkenning en ergonomisch handgereedschap;
  • Organisatorische oplossingen: aanpassingen op het gebied van functie-inhoud, werk-rusttijden en taakroulatie;
  • Gedragsveranderende oplossingen: adviezen en voorlichting over betere houding en beweging;

Beleidsoplossingen: betere communicatie, samenwerking met arbodienst, onderzoek naar en aanpak van risicofactoren en het opstellen van RSI-beleid.

Werkdruk kent veel oorzaken en gevolgen. Bijna iedere werknemer heeft er last van. Maar hoe pak je dit aan? Kijk op www.werkdruktelijf.nl voor tips.

 

Volgens de Arbowet mag je als zwangere nooit meer dan 10 kg tillen.  Vanaf de 20ste week mag je niet meer dan tien keer per dag gewichten van meer dan 5 kg tillen. Ook mag je in de laatste drie maanden van de zwangerschap niet meer dan eenmaal per uur hurken, knielen, bukken of staand voetpedalen bedienen. Daarnaast mag je niet bloot gesteld worden aan lichaamstrillingen of schokken met een versnelling van meer dan 0.25 m/s².

Je mag niet meer dan 23 kilo tillen. Het tillen van meer gewicht kan de veiligheid en gezondheid in gevaar brengen. Die 23 kilo is de gewichtsgrens die de arbeidsinspectie hanteert als zij bedrijven inspecteert. Bij het verplaatsen van bijvoorbeeld patiënten kan daarom gewerkt worden met een tillift.

Volgens de Arbeidstijdenwet gelden de volgende regels met betrekking tot werktijden:

Werktijden
Maximaal 10 uur per nachtdienst
Maximaal 12 uur per dienst[W1] 
Maximaal 60 uur per week
Maximaal 55 uur per week per 4 weken
Maximaal 48 uur per week per aaneengesloten 16 weken

Overwerk
De nieuwe wet kent geen definitie meer van overwerk. De wet kent dus ook geen grenzen meer voor de normale arbeidstijd zonder overwerk

Rusttijd
Minimaal 11 uur per 24 uur. Dit mag 1 x per 7×24 uur worden ingekort tot 8 uur
Minimaal 36 uur aaneengesloten per 7×24 uur
Minimaal 72 uur per 14×24 uur. Dit mag opgesplitst worden in   rustperioden van elk tenminste 32 uur.

Rusttijd
Na 1 nachtdienst: eindigend na 02.00 uur geldt een minimale rusttijd van 14 uur
Na 3 nachtdiensten of meer: minimaal 46 uur aaneengesloten. (1x per 7×24 uur mag deze worden ingekort tot 12 uur)
Per week 36 uur
Per 2 weken 72 uur

Werktijd
Per dienst norm is 12 uur [W2] 
Per nachtdienst norm is 10 uur
Per week maximaal 60 uur
Per 4 weken maximaal 55 uur gemiddeld[W3] 
Per 16 weken[W4] :. 40 uur per week gemiddeld bij 16 nachtdiensten
Diensten na 02.00 uur 36 uur per 16 weken of 140 per jaar Diensten tot 02.00 ongelimiteerd

Als je maar een paar uur werkt tussen 00.00 en 06.00 uur dan zou je op nog veel meer dan 140 nachtdiensten per jaar uitkomen. , Dat is zo als je werkdag bijvoorbeeld om 04.00 uur begint,Er is immers sprake van een nachtdienst als je tijdens een dienst meer dan 1 uur werkt tussen 00.00 uur ’s nachts en 06.00 uur ’s ochtends. In dat geval geldt de regel dat je niet meer dan 38 uur per 2 weken mag werken tussen 00.00 en 06.00 uur. 

Zondag is in principe geen werkdag. Als je wel op die dag werkt, heb je per jaar recht op minimaal 13 vrije zondagen.

Bijzondere omstandigheden[W5] 
In bijzondere omstandigheden én als dit is overeengekomen met het medezeggenschapsorgaan, mogen er maximaal 140 nachtdiensten worden gedraaid.

Als je al vóór 1 januari 1996 vooral ’s nachts werkte, en je doet dat nu nog steeds, dan mag je ook na 1 april dit werkpatroon voortzetten. In een periode van 4 aaneengesloten weken mag je maximaal 20 keer nachtdiensten draaien.

In de cao kunnen andere afspraken zijn gemaakt over pauzes, rusttijden en werktijden. Check de cao van je eigen sector voor een overzicht.

Zondag is in principe geen werkdag. Er zijn tenminste 13 vrije zondagen per jaar. Collectief kan daarvan worden afgeweken. Als zondagarbeid noodzakelijk is, dan mag er alleen op 40 of meer zondagen worden gewerkt als je daar zelf uitdrukkelijk mee instemt.