De vakcentrales, waaronder FNV, en de werkgevers sloten in maart 2010 een AOW- en pensioenakkoord. Dit was een akkoord op hoofdlijnen dat nader uitgewerkt moest worden.
De FNV en andere vakcentrales hebben samen met de werkgevers sinds maart 2010 veelvuldig gerekend, getekend en geschrapt om het akkoord verder uit te werken. In februari 2011 kwamen de eerste conceptteksten van deze uitwerking naar buiten. De teksten baarden Abvakabo FNV, FNV Bondgenoten en FNV Bouw, zorgen. De drie grootste bonden lasten een adempauze in.
In de conceptteksten leken steeds meer risico’s bij werknemers en gepensioneerden te worden neergelegd. Dat was voor de bonden niet acceptabel. Wanneer beleggingsresultaten van de pensioenfondsen tegenvallen, is dat een risico voor werkgevers en werknemers en daar moeten zij samen verantwoordelijkheid voor nemen.
Daarmee waren nog niet alle discussies van tafel. Alle FNV-bonden willen namelijk een goede balans tussen koopkrachtbehoud en zekerheid. Hoe die balans er precies uitziet, bleek een dilemma te zijn voor de FNV. Abvakabo FNV en de meeste FNV-bonden willen graag dat de pensioenen snel weer geïndexeerd worden. Dat betekent dat de pensioenen van werkenden en gepensioneerden worden aangepast aan de gestegen lonen. Je kunt dan hetzelfde blijven kopen als het jaar ervoor ondanks het feit dat de prijzen zijn gestegen.
Om de pensioenen te kunnen indexeren en daardoor koopkrachtbehoud te realiseren, is het nodig te beleggen op de beurs. Het rendement op alleen spaargeld is onvoldoende. Beleggingen leveren een hoger rendement, maar bieden minder zekerheid.
Als een pensioenfonds toch harde beloftes wil doen, kan er minder belegd worden. De wet zegt namelijk dat een pensioenfonds grote buffers met geld moet aanleggen voor het maken van beloftes. Al dat geld in die buffers kan niet worden belegd en levert dus ook geen inkomsten op.
Door minder harde toezeggingen te doen, blijft er meer vrijheid om te kunnen beleggen en meer rendement te ontvangen. Daardoor kan dan ook sneller worden geïndexeerd en blijft de koopkracht op peil, zonder dat de risico’s te groot worden.
FNV Bondgenoten koos in de discussie voor meer zekerheid, terwijl de andere bonden vonden dat de pensioenen snel geïndexeerd moesten worden. Uiteindelijk stond in het principeakkoord dat de pensioenfondsbesturen (waarin ook de vakbonden zijn vertegenwoordigd) zelf een keuze konden maken hoe de balans tussen indexatie en zekerheid eruit zou komen zien.
Nu is door de Kunduz-vijf een streep gezet door het pensioenakkoord, onder andere door het versneld verhogen van de AOW, schrappen van compenserende maatregelen voor lage inkomens, mensen met zware beroepen en/of lang arbeidsverleden, schrappen van een deel van de vitaliteitsmaatregelen, schrappen flexibilisering en extra ophoging AOW en beperken van de fiscale ruimte om pensioen op te bouwen. Abvakabo FNV was al niet gelukkig met de gevolgen van het pensioenakkoord voor de lagere inkomens, zware beroepen en mensen met een lang arbeidsverleden. De plannen van de Kunduzcoalitie gaan nog dramatisch veel verder. De Kunduzcoalitie laat iedereen lelijk in de steek. De Tweede en Eerste Kamer volgen dit voorbeeld en zijn ongevoelig gebleken voor de ruime 2000 schrijnende reacties van onze leden, die wij aan beide kamers hebben aangeboden. Abvakabo FNV denkt dat het beter en socialer moet en kan. Gelukkig kan ook de kiezer op 12 september nog zijn eigen oordeel over deze plannen vellen.
Heeft dit antwoord je geholpen?
ja |
nee